| inlingua |
CEFR
|
= Gemeenschappelijk Europees referentiekader |
5
Volledige beheersing |
C2 |
Op dit taalkennisniveau kunnen wij u bijna perfect tweetalig noemen. U beheerst de doeltaal operationeel in uw dagelijks leven en de meest uiteenlopende bedrijfssituaties.
|
4
Gevorderde gebruiker |
C1 |
U bent in staat om actief deel te nemen aan gesprekken m.b.t. het dagelijkse leven alsook m.b.t. uw bedrijfsomgeving. Zelfs de fijnere nuances ontsnappen u niet. Af en toe moet u toch nog beroep doen op een woordenboek, bijvoorbeeld voor de meer complexe zinsconstructies of bij het gebruik van typische uitdrukkingen.
|
3
Onafhankelijke gebruiker |
B2 |
U kunt probleemloos deelnemen aan een vloeiende, spontane interactie. De moeilijkere grammaticale structuren, alsook de fijnere nuances van de doeltaal beheerst u nog niet optimaal, doch dit stoort de communicatie niet onmiddellijk. Vanaf dit taalniveau kan u op professioneel vlak in de vreemde taal functioneren.
|
2
Pre-intermediair |
B1 |
U begrijpt alle conversaties gericht op het dagelijkse leven. U kan onvoorbereid deelnemen aan een gesprek over onderwerpen die vertrouwd zijn, of uw persoonlijke belangstelling hebben of die betrekking hebben op het dagelijkse leven (bijvoorbeeld familie, hobby's, werk, reizen en actuele gebeurtenissen).
|
1+
Basisgebruiker |
A2 |
U kunt op eenvoudige vragen antwoorden en korte gesprekken voeren in de tegenwoordige tijd, waarbij u echter nog een aantal basisfouten maakt zodat uw gesprekspartner om verduidelijking moet vragen. De beperkte woordenschat hindert de vlotheid en het begripsvermogen.
|
1
Beginner |
A1 |
De communicatie is zeer beperkt. U begrijpt eenvoudige instructies maar u kunt deze enkel met losse woorden beantwoorden. U vertaalt vaak nog te letterlijk vanuit uw moedertaal waardoor de boodschap niet duidelijk overkomt. U maakt nog frequent basisfouten die de communicatie storen.
|